Vrijdag, 14.22u. Na talloze excuses en maandenlang wachten ben ik het kotsmoe. Het materiaal van de vorige eigenaar moet buiten. Eerder die week had ik hem opgebeld, maar 'em stond in panne. Ik bel 'em opnieuw, maar blijkt dat zijn auto nog niet hersteld is. Daarbij zegt hij doodleuk dat hij nog slechts de helft van het materiaal graag zou houden.- Goed. Wanneer zijt ge thuis?
Euhm. Tja, rond 18u.
- Om 18u ben ik er.
18u. *appartementdeurbelringeling* Wat had ge gedacht? Niemand. Ik bel. Voicemail. Een boodschap en een kwartier later sta ik er terug.
18.16u.*appartementdeurbelringelingling* Dat is er mee lachen, hé. Vijf minuten voorbij. Ik bel nog eens en twijfel. Alles voor zijn deur zetten of zijn ex opbellen?
Stilte. Vijf minuten tikken voorbij. Ik bel nog es. Wéér vijf minuten later opeens een teken van leven.
I kid you not, dik TIEN minuten later is em daar. Ongeschoren en verward. Gepruts aan de garage. Getreuzel. Dan blijkt waarom. Ook die garage is een boeltje, bezaaid met rommel.
"Ge treft mij op een slechte dag."
Een halve warme pint en serieus wat verward gekraam later blijkt waarom. Na zijn nachtshift om 11u op café gezeten tot 15u, waarna hij ladderzat in de zetel in slaap viel. Zijn appartement ziet er uit als een studentenkot. De wekkerradio op de dressoir, hier en daar kledingsstukken op de grond en de tafel die dienst doet als asbak terwijl hij praat alsof hij elk moment in een huilbui én een woedevlaag kan uitbarsten. Schuift me een Keizer Karel toe, aangezien het blik bier zo warm als pis is. Zijn liefdesleven blijkt een pijnlijk gesprekspunt, dus not quite the opener. Zijn werk en zijn nieuwe moto blijken ook al moeilijke onderwerpen.
"Ik ben geen grote prater als ik zo gedronken heb."
Over de buren kan er wel gepraat worden. Gelukkig maar. Alhoewel. "Die buur gaat ook scheiden." Sleurt nog eens aan zijn sigaret. As op tafel. Krabt in zijn haar. Lacht, zucht en mompelt. Het kan mij geen reet schelen. Ik ben van hem verlost. Hoop ik. Ik kap de rest van het bier vlug vlug binnen en neem afscheid. Hij bedankt me voor het geduld en geeft toe dat hij het niet aankon om langs het huis te passeren. Gaat zeker weten verder zijn roes uitslapen. Om mijn overwinning te vieren, ga ik een ijsje eten. Twee bollen. De slappe lach tot ik thuis ben.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten